Darmonderzoek bij darmklachten

Darmonderzoek helpt de oorzaak van darmklachten op te sporen.

Mensen met chronische darmklachten hebben vaak geen idee wat het is dat de klachten veroorzaakt. Darmklachten kunnen veroorzaakt worden door darmbacteriƫn, parasieten, virussen en door gluten intolerantie of andere soorten voedselallergie en voedselintloerantie.

Wat voor darmonderzoek wordt aangevraagd door de arts?

Feces monster verzamelen voor darmonderzoek

Feces monster verzamelen voor darmonderzoek

Artsen vragen meestal alleen darmonderzoek aan om te controleren op ernstige, levensbedreigende ziektes, zoals darmkanker, de ziekte van Crohn en Colitis ulcerosa. Er wordt echter weinig darmonderzoek aangevraagd naar minder gevaarlijk, maar toch zeer onaangename darmproblemen.

Zo gaan mensen meestal niet dood aan darmparasieten of gisten en schimmels in de darmen, maar het kan erg vervelend zijn. Vooral wanneer symptomen zoals winderigheid en een opgezette buik dagelijks voorkomen, is het prettig om een oplossing te vinden.

Darmonderzoek bij PDS

De arts kan niet altijd helpen. In veel gevallen wordt de verlegenheidsdiagnoses ‘prikkelbare darm syndroom (PDS)’ of ‘spastische darm‘ gesteld. De arts gaat meestal ook niet op zoek naar de onderliggende oorzaak van spastische darm op PDS, tenzij er verdenking is van een ernstige probleem.

Het is jammer dat er niet meer darmonderzoek wordt uitgevoerd om de oorzaak van mildere darmklachten te ontdekken. Het is niet nodig om in een levensbedreigende situatie te zijn om te lijden.

Er zijn zeer veel mensen die zich beter voelen na het dieet aan te passen. Dieet kan echter veel gerichter worden aangepast, in het geval er darmonderzoek plaats vind om aan te tonen wat er aan de hand is. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk met ontlastingsonderzoek te kijken hoe gezond de darmflora is, wat de PH in de darmen is, en of alles goed wordt verteerd. Al het zetmeel in het dieet moet door het lichaam worden opgenomen. Als er veel zetmeel in de ontlasting overblijft, betekent dit dat de zetmeel niet goed wordt opgenomen. Dit kan betekenen dat er problemen zijn met de vertering en dat er teveel zetmeel wordt gegeten.

Wanneer zetmeel niet goed worst verteerd komt het terecht in de dikke darm, waar het niet thuis hoort. Hier kunnen Candida, schadelijke bacteriesoorten en darmparasieten zich mee voeden.

Darmonderzoek kan ook in de vorm van een endoscopie worden uitgevoerd, om bijvoorbeeld coeliakie op te sporen.